Na een diepgaand moment met God te hebben ervaren, voelde het individu een gevoel van opgetogenheid dat ongeveer een jaar duurde. Deze ontmoeting zorgde voor een niveau van begrip en verbinding die hij nog nooit eerder had geweten. Deze gelukzaligheid veranderde echter in wanhoop als het besef dat een dergelijke ervaring niet zou herhalen. Hij begon te worstelen met het idee dat zijn resterende leven zou worden beperkt tot dezelfde alledaagse realiteit die hij altijd had geweten.
Deze epiphany leidde tot een diepe existentiële crisis voor hem. Het idee dat hij vele jaren zou leven zonder de mogelijkheid van een andere goddelijke ervaring, voelde hem zich verlaten meer verlaten dan voorheen. In feite creëerde de herinnering aan dat moment met God een gevoel van verlangen en verlies dat zijn bestaan overschaduwde, wat suggereert dat verlichting soms kan leiden tot een groter gevoel van leegte wanneer het vervaagt.