Mr. Rasmussen drukt frustratie uit over de Volkenbond en vraagt zich in twijfel als het in de eerste plaats onder de controle van Groot -Brittannië en zijn koloniën staat. Eveline verzet zijn negativiteit door te suggereren dat elke vorm van organisatie de voorkeur heeft boven het hebben van helemaal geen. Deze dialoog onthult een spanning tussen idealisme en realisme, die verschillende perspectieven op governance en wereldwijde samenwerking benadrukt.
Robbins injecteert echter een dosis cynisme in het gesprek en benadrukt dat de effectiviteit van een competitie niet afhankelijk is van de titel, maar van de onderliggende machtsdynamiek. De reactie van de Californische vrouw op zijn cynisme weerspiegelt een overtuiging dat optimisme cruciaal is in uitdagende tijden. Toch staat Robbins erop dat het handhaven van een cynische vooruitzichten essentieel is voor het omgaan met de realiteit, wat een dieper commentaar suggereert over het desillusie van het naoorlogse klimaat.