Waarheid brengt haat tegen de waarheid voort. Zodra het verschijnt, is het de vijand.
(Truth engenders hatred of truth. As soon as it appears, it is the enemy.)
Dit citaat benadrukt de paradoxale aard van de waarheid; hoewel ze inherent waardevol is, roept ze vaak vijandigheid en afwijzing op. Mensen zijn misschien bang voor de waarheid omdat deze hun overtuigingen in twijfel trekt, ongemakkelijke realiteiten blootlegt of bestaande machtsstructuren bedreigt. Het idee suggereert dat eerlijkheid, hoewel deugdzaam, op weerstand kan stuiten, en dat de samenleving de waarheid soms eerder als een tegenstander dan als een gids beschouwt. Dit weerspiegelt de spanning tussen transparantie en de menselijke neiging om ongemakkelijke realiteiten te vermijden, wat het belang benadrukt van het omarmen van de waarheid ondanks mogelijke tegenstand.