In Philip K. Dick's "The Man in the High Castle", reflecteert het personage Baynes over zijn identiteit en de lengte die hij is gegaan om zijn Joodse erfgoed te verbergen. Hij onthult dat hij geen fysieke tekenen presenteert van joods zijn vanwege verschillende wijzigingen die hij heeft ondergaan, zoals cosmetische operaties die zijn uiterlijk wijzigen. Deze transformatie benadrukt de spanning tussen identiteit en de externe percepties van de samenleving, met de extremen van de uitersten die individuen kunnen toevlucht nemen om te overleven in een wereld gekenmerkt door discriminatie.
de verklaring van Baynes benadrukt de diepgaande effecten van maatschappelijke verwachtingen en de angst rond etnische identiteiten in een dystopische context. Zijn ervaring roept vragen op over authenticiteit en de essentie van identiteit wanneer externe kenmerken kunnen worden gemanipuleerd. Door Baynes onderzoekt Dick de complexiteit van verbondenheid en de ontkoppeling tussen iemands ware zelf en hoe men wordt waargenomen in een vijandige omgeving, ter illustratie van een aangrijpende strijd voor acceptatie en veiligheid.