Zelfs als iemand alle gemakken van het leven heeft – goed eten, goed onderdak, een metgezel – kan hij of zij nog steeds ongelukkig worden als hij of zij in een tragische situatie terechtkomt.
(Even when a person has all of life's comforts - good food, good shelter, a companion - he or she can still become unhappy when encountering a tragic situation.)
Dit citaat onderstreept op diepgaande wijze de complexiteit van het menselijk geluk en de onvoorspelbare aard van het leven. Het herinnert ons eraan dat materiële rijkdom en uiterlijke gemakken – zoals goed eten, veilig onderdak en gezelschap – geen garantie zijn voor blijvend geluk. Ware tevredenheid is iets diepers en kwetsbaarder, dat gemakkelijk verstoord wordt door de realiteit van lijden of tragedie. Het nodigt uit tot reflectie over het innerlijke landschap van onze emoties en psychologische veerkracht. Hoe overvloedig onze externe omstandigheden ook zijn, de uitdagingen en tragedies waarmee we worden geconfronteerd, kunnen onze gemoedsrust verstoren.
Het spreekt ook over een universele menselijke ervaring: dat pijn en verdriet geen onderscheid maken tussen rijk en arm, tussen comfortabel en noodlijdend. Dit maakt ons nederig en herinnert ons aan empathie en de gedeelde kwetsbaarheid die alle mensen bindt. Het citaat moedigt ons op subtiele wijze aan om innerlijke kracht te cultiveren en misschien meer omvattende vormen van welzijn die verder gaan dan externe omstandigheden. Het suggereert een oproep om de vergankelijkheid en onvoorspelbaarheid van het leven te omarmen, en groei te zoeken in tegenspoed.
Bovendien benadrukken de woorden van de Dalai Lama het belang van mindfulness en het accepteren van het huidige moment, hoe pijnlijk het ook is. Het is een krachtig duwtje in de richting van het inzicht dat geluk niet alleen de opeenstapeling van gemakken is, maar eerder het vermogen om met gratie en wijsheid door de onvermijdelijke ups en downs van het leven te navigeren.