Elias geeft een diepe bezorgdheid uit over de aard van de realiteit, wat suggereert dat de mensheid kan worden verstrikt in een misleidende illusie. Hij gelooft dat we ons niet volledig bewust zijn van onze omgeving en worden gemanipuleerd om de realiteit op een manier te waarnemen die een externe kracht dient. Dit roept vragen op over de authenticiteit van onze gedachten en herinneringen, wat impliceert dat onze identiteit niet echt van ons is, maar eerder gevormd door onbekende invloeden.
Dit idee leidt tot een verontrustende conclusie: als ons bestaan wordt bepaald door een externe gril, daagt het het idee van vrije wil en oprechte zelfheid uit. Elias lijkt te impliceren dat we machteloos zijn en een ware keuzevrijheid hebben, gevangen in een collectieve droom die ons berooft van onze individualiteit en bewustzijn. Dergelijke reflecties raken op diepere filosofische thema's met betrekking tot het bestaan en de essentie van wat het betekent om mens te zijn.