Een jonge man die geen socialist is, heeft geen hart; een oude man die socialist is, heeft geen hoofd.
(A young man who isn't a socialist hasn't got a heart; an old man who is a socialist hasn't got a head.)
Dit citaat benadrukt de waargenomen verschillen in idealisme en pragmatisme in verschillende levensfasen. Het suggereert dat het jeugdige enthousiasme voor het socialisme voortkomt uit compassie en emotionele gedrevenheid, terwijl oudere individuen die vasthouden aan socialistische idealen dit misschien doen uit een starre ideologie of uit een verlies aan aanpassingsvermogen. Het zet aan tot nadenken over de vraag of sociaal-politieke verplichtingen geworteld zijn in oprechte empathie, of dat wijsheid een dergelijke passie tempert. Het citaat nodigt ons uit om na te denken over de balans tussen emotie en rationaliteit in politieke overtuigingen en over het belang van evoluerende perspectieven in de loop van de tijd.