Elvis en ik waren hele goede vrienden. We waren zulke goede vrienden dat ik op de dag dat hij overleed de eerste was die zijn vader belde om me te laten weten wat er was gebeurd.
(Elvis and I were very good friends. We were such good friends that, on the day that he passed, I was the first one his father called, to let me know what had happened.)
Dit citaat benadrukt de diepe persoonlijke band en oprechte vriendschap tussen Wayne Newton en Elvis Presley. Het onderstreept hoe hun relatie zich uitstrekte van de status van beroemdheid tot oprechte vriendschap en wederzijds respect. Newtons reflectie onthult de betekenis van vriendschap in de vaak vluchtige wereld van roem en hoe echte vrienden als eerste op de hoogte worden gebracht van levensveranderende gebeurtenissen. Het vertrouwen en de nabijheid die ze deelden, worden geïllustreerd in deze intieme anekdote, die herinnert aan het belang van echte verbindingen tussen publieke personages.