In Barbara Kingsolver's "ongeschonden", reflecteert de hoofdrolspeler op een gemeenschappelijk psychologisch fenomeen waarbij mensen een naïef optimisme over hun leven behouden. Deze 'nuttige illusie' biedt comfort, wat suggereert dat ondanks uitdagingen alles uiteindelijk goed zal aflopen. Het personage observeert onder andere dit vertrouwen en erkent hoe het absurd kan lijken, maar wordt op grote schaal omarmd.
Terwijl ze haar eigen tumultueuze omstandigheden navigeert, benadrukt haar verbazing over het gemak waarmee anderen door het leven bewegen een schril contrast met haar eigen worstelingen. Dit perspectief nodigt lezers uit om de balans tussen hoop en realisme in twijfel te trekken, wat aanleiding geeft tot reflectie op de aard van het geloof in onzekere tijden.