De volksvertegenwoordigers worden ongekroonde koningen en koninginnen zodra ze in het parlement komen.
(The representatives of people become uncrowned kings and queens once they get into Parliament.)
Dit citaat benadrukt het potentieel van mensen in politieke posities om zich los te maken van de mensen die zij dienen. Het herinnert ons eraan dat het vasthouden aan de macht soms kan leiden tot arrogantie of een gevoel van superioriteit, waardoor leiders afstand nemen van hun verantwoordelijkheden ten opzichte van hun kiezers. Waakzaamheid en nederigheid zijn essentieel om ervoor te zorgen dat gekozen vertegenwoordigers trouw blijven aan hun democratische plichten, in plaats van te bezwijken voor de aantrekkingskracht van autoriteit en privileges.