In "Het belang van zeven zijn", reflecteert Alexander McCall Smith over de vreugde van het vertellen van verhalen en zijn vermogen om verbindingen te creëren tussen lezers. Hij geeft aan dat de band die wordt gevormd door gedeelde ervaringen rond fictie ongelooflijk bevredigend is. Dit idee benadrukt de universele aard van verhalen, waarbij lezers met verschillende achtergronden samen kunnen komen en betrekking hebben op de gepresenteerde personages en verhalen.
Smith's observatie over vriendschap met fictieve karakters suggereert dat literatuur geografische en culturele barrières overstijgt en een uniek gemeenschapsgevoel biedt. Deel uitmaken van deze "aangename club" van lezers onderstreept het collectieve genot en begrip dat het vertellen van verhalen bevordert, waardoor het idee wordt versterkt dat we allemaal verenigd zijn door de liefde voor lezen en fantasierijke werelden.